Geschiedenis

den-ham Slechts drie decennia was de R.K.kerk in Nederland aan herstel bezig toen in Vleuten de plannen voor een nieuwe kerk konden worden uitgevoerd. Door de reformatie was de eerste R.K.kerk van Vleuten, de Willibrordus, aan de katholieke eredienst onttrokken.
Vanaf die tijd tot 1884 vonden de R.K. erediensten in een zgn. kerkhuis, met de kenmerken van een schuilkerk, op ’t Hoog even buiten Veuten plaats. In meerdere huiskapellen van de kasteelheren in de regio werden erediensten gehouden o.a. in Huize den Ham en in ’t Huis den Eijck.
 ’’t Huis den Eijck.
oude-kerk Oude kerk Over een “Statie Vleuten” wordt er eerst gesproken in 1656. In 1714 bouwde pastoor Cornelis van Wijkersloot een “kerkhuijs omtrent de Ridderhofstad en op grond van de Heer den Hamme” In 1716 heeft hij “daeraen getimmerd een pastorswoninge” In 1805 kwam er godsdienstvrijheid en na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie werd de statie op 11 maart 1855 officieel een parochie.
zielenboek In een “Zielboek” uit 1851 staat als eerste vermeld pastoor J. van Everdingen. Hij was pastoor te Vleuten van 1826-1851.
Het boekje bevat namen die nog steeds in Vleuten voorkomen.In 1884 was er de mogelijkheid tot het bouwen van een nieuwe kerk in het dorp Vleuten onder pastoor Theodorus de Klaver. De grond voor een kerk plus toren, een pastorie en een kerkhof werd geschonken door de weled. heer S.P.W.H. van Bijlevelt. Met goedkeuring van de Aartsbisschop werden enkele leningen aangegaan.
ceciliaraam Architect Nicolaas Molenaar uit ’s-Gravenhage, een leerling van de grote Cuypers, kreeg de opdracht tot het tekenen van een ontwerp, het maken van bestek
en een begroting. Het werk werd gegund aan aannemer Johannes Hendricus de Vos te Utrecht. Hij zou het werk moeten uitvoeren voor fl. 61.359,- Op 8 oktober 1884 werd van de Aartsbisschop de machtiging tot gunning verkregen. In Oktober 1885 was de bouw gereed en op 3 november 1885 werd de kerk geconsacreerd door Mgr. P.M. Snickers. De zoon van architect Nicolaas Molenaar ontwierp in 1935 de tekeningen voor de uitbreiding van de kerk onder Pastoor H.S. Ohl. Dat hield een verdubbeling van het aantal plaatsen in. De zijmuren werden weggebroken en een stuk naar buiten verplaats. De losse biechtstoelen worden vervangen door in de zijmuur uitgebouwde biechtstoelen. Achter in de kerk wordt de doopvont (thans Mariakapel/stiltecentrum) gecreëerd. Aan de linkerkant maakt men een extra uitgang. Kerstmis 1935 wordt de kerk, zonder veel feestvertoon, weer in gebruik genomen. Ook het altaar, dat tot dan toe los in de kerk stond, wordt verankerd en op 19 mei 1936 komt Mgr Jansen naar Vleuten om het altaar te consacreren. De relikwieën van de heiligen Damianus en Laetius worden ingemetseld in de altaarsteen.In 1948 , tegelijk met de nieuwe kerkklokken wordt het eerste raam geplaatst.Het is het grote Ceciliaraam boven het zangkoor. Het is vervaardigd in het atelier van Max Weiss te Roermond en geschonken door de leden van het Ceciliakoor